vrijdag 21 mei 2010

Het is een vrolijke snuiter, de groene snuitkever. Deze vond ik op de els. Ze zijn nogal beweeglijk en het lijkt erop dat ze goed doorhebben dat er iets dreigt. Ik stel me voor dat de lens van een camera voor een insect lijkt op een heel groot oog. Kevers hebben er een handje van om je hun achterwerk toe te keren of naar de onderkant van een blad te wandelen. Het is een kwestie van snel opereren.

Met de ene hand het blad vasthoudend en met de andere de camera, lukte het me om een aantal foto's te maken. En het woei ook nog eens hard. Ik ben tevreden (maar het kan natuurlijk altijd beter :-))

Toen ik even lekker op een bankje zat, bleek daar ook weer een groene kever te lopen. Dat was ook weer een mooie kans. Ook deze kever hield niet van stilzitten. Hij had er stevig de sokken in.

Hebben ze geen leuk koppie? Van veel insecten kun je dat niet zeggen, maar deze hebben 'iets'.

Deze kever liep over mijn hand. Dit is de eerste keer dat ik een kever met uitgeslagen vleugels hebben gefotografeerd.

Nog even de officiele naam: Phyllobius argentatus (L. 1758) uit de familie der Curculionidae (snuitkevers). In het Duits heten ze Silberner Grünrüssler en in het engels: Silver-green Leaf Weevil.... Je vindt wat informatie als je op Internet gaat zoeken...

PS Nu heb ik dezelfde kever gevonden onder de naam: groene struiksnuitkever ofwel Polydrusus sericeus. En Curculionidae word ook anders geschreven. Tsja... wat is nu waar? Of zijn er twee sterk op elkaar lijkende soorten. Misschien toch een boekje aanschaffen?

woensdag 19 mei 2010

Nog even over de paardebloem... :-) Als je een gesloten paardebloem halveert, zie je de onrijpe zaadjes met daarbovenop het pluisje. Bovenop het pluisje zit het restant van een bloempje. Het hoofdje van de paardebloem bestaat uit een kleine 200 bloempjes.

Hier nog een even een detail van de foto, waarbij de onrijpe zaadjes en de aanhechting van het pluisje goed zijn te zien.

Hier zie je een dwarsdoorsnede van een nog iets later stadium. De 'stengel' van het pluisje is langer en het geel van de bloempjes is eraf gevallen. De pluisjes piepen boven de 'knop' uit. Hij was waarschijnlijk morgen opengegaan, als ik hem niet had opgeofferd voor de foto... Nou ja, er staan er genoeg!

Het gele toefje kun je makkelijk lostrekken. Aan de onderkant zie je dan dat elk bloempje een buisjes vormt aan de basis.

Bovenop een pluisje kun je nog goed het litteken zien waar de bloem heeft gezeten.

Zo, dat is eerst genoeg over de paardebloem!

maandag 17 mei 2010

Simpele dingen kunnen soms heel ingewikkeld lijken. Als ik de logica ergens niet van begrijp, dan begrijp ik het niet. Zo vroeg ik me ineens af hoe het nu zit met de paardebloem. Die krulletjes zijn de meeldraden en dus de mannelijke bloemen. Waar zitten dan de stampers?

Toen kwam ik weer terecht in de terminologie van een- of tweeslachtig en een- of tweehuizig. Eenslachtige bloemen hebben alleen mannelijke of vrouwelijke voortplantingsorganen. Tweeslachtige bloemen hebben allebei en zijn hermafrodiet. Eenhuizig betekent vervolgens dat mannelijke en vrouwelijk bloemen op dezelfde plant zitten (de plant is het huis). En tweehuizig dat ze op twee verschillende planten zitten. Nu ik zie dat de plant het huis is en de bloem mannelijk óf vrouwelijk of hermafrodiet is, snap ik het. Er zijn namelijk ook eenslachtige eenhuizige planten... In dat geval heb je mannelijke én vrouwelijke bloemen op één plant. 'Logisch toch?' zul je denken.... ja, voor mij nu ook.

En hoe het met de paardebloem zit? De paardebloem is tweeslachtig, dus elk bloempje is hermafrodiet. De paardenbloem is ook een composiet, wat betekent dat er een kleine 200 hermafrodietjes bij elkaar in de gele 'bloem' zitten. De stamper zit onder de meeldraad. Ik moet dat nog wel even met eigen ogen zien natuurlijk...

Het wonder van de paardebloem is te zien in dit filmpje van schooltv.

zaterdag 15 mei 2010

En toen liep ik tegen een boom vol kevers aan. Het eerste wat me opviel waren de gaatjes in de bladeren. En als ik het goed heb opgezocht, waren het bladeren van de berk. Daarna zag ik pas de blauwe kevers. Nu ben ik niet zo thuis in kevers en ik dacht dus dat het blauwe veelkleurige goudhaantjes waren. Bij nader inzien zal het wel niet zo zijn. Goudhaantjes/bladhaantjes zijn ietsje kleiner en ronder van vorm. Ze zijn ook koddiger dan deze stevige kevers van wel een centimeter lang. Na enig speurwerk denk ik nu toch dat het misschien het berkenhaantje is (laat het -tje maar weg...) ofwel Altica aenescens. Hij schijnt vrij algemeen te zijn. Er zijn nogal wat kevers. Dus het blijft natte vingerwerk.

Als je een tijdje naar insecten kijkt, worden ze steeds menselijker. Gaan wij op pad voor een hapje eten dan weten we meestal precies waar we heen gaan en hoe we daar moeten komen. Kevers zie je rondscharrelen over takjes en bladeren. Vaak houdt het pad abrupt op en is de sprong naar het volgende blad te ver. Dan is het altijd leuk om te zien wat ze gaan doen.

Deze stap was goed te doen. Maar waarnaar is deze kever op weg? Een lekker jong en fris blaadje voor het ontbijt?

Dit vrouwtje zit lekker te peuzelen. Zo'n geel achterlijf had ik ook nog nooit bij een kever gezien. Alweer een aanwijzing dat dit geen veelkleurige goudhaantjes zijn. En goudhaantjes schijnen zich te laten vallen bij onraad. Deze kevers waren onverstoorbaar. Voor fotografie wel ideaal.

Dit was het blad van de struik/boom waar ik ze op vond. En langs het pad stonden meer struiken vol met deze kevers. Dus kennelijk hebben ze een voorkeur voor de ... berk?

vrijdag 14 mei 2010

Reigers zijn eigenlijk hele mooie vogels. En ik zeg 'eigenlijk' omdat ik ze een ongezellig strenge uitstraling vind hebben, door die opgetrokken schouders (net een gier...) en die lange spitse snavel en kraaloogjes. Maar als je de kans krijgt om goed te kijken dan zie je de mooie details op zijn pak, zoals de streep en de zwierige sprieten op zijn kop.

Deze reiger liet me redelijk dichtbij komen. Hij kon ook heel onbeweeglijk zitten, op zijn 'reigers'. Daar is weinig aan. Een beetje beweging! Dat wil ik zien!

Zou hij zijn eigen spiegelbeeld ook zien?



donderdag 13 mei 2010

Toen ik voor het eerste een macro maakte van een paardebloem, zag ik pas hoe mooi hij was. Tussen de lintvormige bloemblaadjes zitten krulvormige stuifmeeldraden. En dat is alleen nog maar de bloem!

Vervolgens verandert de bloem in een bol met pluizen. Zelfs mooi op een grijze dag als vandaag. Nog mooier als je hem 's avonds tegen de ondergaande zon houdt.

Als de pluizen wegwaaien blijft er een speldenkussen over en kun je de mooie zaden zien. Ook die zijn prachtig. Sommige zaden komen niet los of verliezen hun parachute.

Bijna het laatste stadium. Een paar pluisjes hebben nog houvast. Het lijkt alsof wat nog rest door de zon is verbleekt.

zondag 9 mei 2010

Op 5 mei was ik in de Hortus in Haren. Ik heb genoten van al het moois dat er stond te bloeien. Vooral deze varen nodigde uit tot foto's maken. Dat is pas een strakke krul! En de blaadjes zijn zo gevouwen alsof hij zijn armen over elkaar wil slaan.

En wat is nu een leuke hoek? Zet ik hem er recht op of toch schuin? Meer dan één tegelijk... Hier kun je goed de mooie lijn zien die over de krul loopt.

Vervolgens kun je je camera er ook gewoon insteken en een toefje van boven nemen.

Tot slot nog een detail van de blaadjes.