vrijdag 11 mei 2012

Populierenhaantje


Groot en rood. Dit is het populierenhaantje (Chrysomela populi). Het was aandoenlijk hem bezig te zien.

Boven aangekomen had hij een probleem. Tsja... waarheen nu?


Onhandig probeerde hij te keren.



Al lag ik met ingehouden adem te kijken ... het moment suprême miste ik net - het uitslaan van de vleugels. Hij vloog echter niet ver maar dwarrelde omlaag en klom in een korte grasspriet weer omhoog.

Het lijkt een heel gewicht aan zo'n dunne spriet. Hoeveel weegt een kever? Andermaal sloeg hij zijn vleugels uit en  - knip - die staat erop... min of meer... Je kunt nog zien dat de punten van zijn vuurrode vleugels zwart zijn. Daarna verloor ik hem uit het oog. Laten we hopen dat hij gevonden heeft wat hij zocht.

Het populierenhaantje is een algemene kever en onmiskenbaar. Groter dan een lieveheersbeestje en met knalrode dekschilden. Hij leeft op de populier en de wilg, is familie van de bladhaantjes en te zien van april tot augustus.

woensdag 9 mei 2012

Snuiter

De snuitkever hield het alweer voor gezien. En hoe dat zo kwam?

De rust werd verstoord door een indringer...

De mier was bezig aan de klim naar boven. Hij had nog wel zin in een drupje nectar.

Deze taferelen doen me denken aan de verhalen van Toon Tellegen. Hij heeft vast ook veel naar klein grut zitten turen. En zo te zien heeft de kever vandaag even geen zin in de mier.

zondag 6 mei 2012

Zwartbruine wegmier

Mieren zijn fascinerende beestjes om naar te kijken. En ik heb er ook al vaker een foto van proberen te maken zonder veel succes. Ze zijn klein, erg beweeglijk en lopen vaak op plekken (takjes) waar je geen stabiele positie kunt innemen. Goed focusseren is dan een ramp. Althans... dat is mijn ervaring.

Hier kon ik mijn armen laten rusten op de fototas en deze mier was niet ál te snel. Zo is het me toch eindelijk gelukt. Hoe doen anderen dat toch?

Het lijkt erop dat hij iets eet van deze plant. Gaat het om die kleine druppeltjes?




Hij heeft stevige kaken en daaruit hangen rare draadjes. Dit roept weer allerlei vragen op. Iets om uit te zoeken. En wat dit voor plantje is moet ik ook nog even nagaan. Hij staat in de Hortus en heeft een kenmerkende geur. Het lijkt op wolfsmelk (Euphorbia). Wordt vervolgd!

Naschrift d.d. 12 mei 2012
Het betreft hier hoogstwaarschijnlijk de zwartbruine wegmier (Lasius niger) die zich inderdaad tegoed doet aan de nectar van wolfsmelk (Euphorbia). De sliertjes zijn vermoedelijk de tasters - al is het erg lastig om informatie over de monddelen te vinden. Ergens las ik de mooie vergelijking dat de monddelen van een mier lijken op een Zwitsters mes; voor elke handeling heeft hij een stuk gereedschap.

donderdag 3 mei 2012

Zoeken

Hoe vind je de weg in een witte wolk?





Dit kevertje was nog geen halve centimeter. Hij scharrelde rond op een rhododendron, driftig zoekend...  Het stuifmeel liet hij links liggen. Was hij op zoek naar schimmels om te eten of zocht hij naar een maatje? Opvallend vind ik de kleine knotsjes aan zijn antennae. Hij lijkt  op een cryptophagus soort, maar er zijn zoveel kevers...

dinsdag 1 mei 2012

Steenhommel

Dit is een steenhommel (Bombus lapidarius). Dat hij op een steen zit is een goed geheugensteuntje (voor mij). Ik zag net dat ik de hommelfoto's allemaal verschillende namen had gegeven....

Alleen het achterlijf is rood, wat betekent dat dit een vrouwtjeshommel is. Ik vond haar ook erg groot en vraag me af of het de koningin zou kunnen zijn.... Boven haar voorpoot zie je ook nog hommelmijten (Tyrophagus laevis). Een van de plagen waar een hommel last van kan hebben.

Om een goed beeld te krijgen van de kleuren nog een plaatje pal van boven. Zo vallen ook de kleine vleugels op. Hoe kom je daar ooit mee omhoog? (En ja, ik heb de bovenste foto gespiegeld!).

Op Wikipedia staat het volgende: 'Een hommel heeft een groot lichaam maar relatief kleine vleugeltjes. Met de wetten van de aerodynamica kon men lange tijd niet verklaren dat een hommel kan vliegen. Na onderzoek bleek dat hommels een trucje hebben waardoor ze toch kunnen opstijgen. Door de op- en neergaande beweging van de vleugels ontstaan luchtwervelingen die zorgen voor een opwaartse kracht waardoor de hommel, hoewel hij eigenlijk te zwaar is, toch kan vliegen. Hommels halen dus extra energie uit de manier waarop de vleugels bewegen, en dit fenomeen wordt in de aerodynamica diepgaand bestudeerd om er voordeel uit te halen.'

De levenscyclus van hommels is trouwens ook interessant. De moeite waard om een keer te lezen.

maandag 30 april 2012

Pluis

 Nevel, een zonnetje en uitgebloeide paardenbloemen. Ik zocht het effect van de wazige bosanemonen en koos bewust voor een kleine scherptediepte. Het is nog een beetje zoeken.